Physical Address
304 North Cardinal St.
Dorchester Center, MA 02124
Physical Address
304 North Cardinal St.
Dorchester Center, MA 02124

Flowcytometrie is een technologie die lasers gebruikt om de eigenschappen van stoffen in een vloeistof te onderzoeken. Het is van groot belang voor artsen om kanker in het bloed te diagnosticeren, de werking van het immuunsysteem te controleren en te bepalen of cellen levend zijn. Flowcytometrie doet dit door te detecteren hoe deze stoffen, zoals cellen, oplichten en licht verstrooien wanneer ze door de laserstraal bewegen. Flowcytometrie is bijzonder geschikt voor het detecteren van fluorescentie en lichtverstrooiing van gelabelde cellen. Dit maakt flowcytometrie een nuttig hulpmiddel voor artsen om meer te weten te komen over wat er met de cellen in ons lichaam gebeurt.
Flowcytometrie is erg belangrijk voor mensen die met cellen werken, zoals immunologen, hematologen en celbiologen. Met deze methode kunnen artsen en onderzoekers snel grote aantallen cellen bekijken, wat hen veel informatie over die cellen oplevert.
Deze handleiding legt de principes van flowcytometrie uit, hoe het in de praktijk wordt gebruikt en hoe het ons vandaag de dag in de geneeskunde helpt. Flowcytometrie is van groot belang in de geneeskunde omdat het ons helpt cellen en hun functies te begrijpen.
Flowcytometrie draait eigenlijk om het meten van cellen één voor één. Zie het als water dat door een buis stroomt. Als je een laserstraal op het water richt, kun je elke waterdruppel zien die voorbijkomt. Flowcytometrie doet hetzelfde met cellen, maar is veel preciezer bij het meten van cellen. Flowcytometrie vereist zorgvuldige metingen om de juiste resultaten te verkrijgen.
Wanneer een cel door de laserstraal gaat, zendt hij licht in twee richtingen uit. Dit is erg belangrijk, omdat het ons helpt de benodigde informatie uit de cel te halen. De cel verstrooit licht. Zo verkrijgen we onze gegevens uit de cel.
De voorwaartse verstrooiing, of kortweg FSC, is een manier om de grootte van een cel te meten. Hoe groter een cel, hoe meer licht erdoor wordt tegengehouden, waardoor we een sterker voorwaarts verstrooiingssignaal zien. Dit komt doordat de grotere cel licht blokkeert, wat resulteert in een sterker voorwaarts verstrooiingssignaal.
De zijwaartse verstrooiing, of kortweg SSC, is een manier om te bepalen hoe complex de binnenkant van een cel is. Als een cel veel onderdelen heeft, zoals een granulocyt, zal deze licht zijwaarts afbuigen. Deze afbuiging van licht zorgt voor een zeer sterk SSC-signaal. De zijwaartse verstrooiing is belangrijk omdat het ons helpt te begrijpen wat er zich binnenin de cel afspeelt. Wanneer een cel organellen bevat, zoals een granulocyt, is het zijwaartse verstrooiingssignaal hoog.
Dus als we naar verstrooiing kijken, geeft dat ons informatie over hoe groot en complex iets is. Fluorescentie daarentegen vertelt ons over de specifieke dingen die zich op het celoppervlak bevinden. Dit is waar flowcytometrie echt zijn kracht toont en zeer nuttig is om meer te weten te komen over cellen en de dingen op hun oppervlak, zoals markers op het celoppervlak.
Ik heb gemerkt dat beginners vaak scatter en fluorescentie door elkaar halen. Het verschil is dat scatter iets is wat de cel al in zich heeft. Fluorescentie daarentegen is iets wat we aan de cel toevoegen door middel van speciale antilichamen die oplichten. Deze antilichamen worden fluorescerende antilichamen genoemd.
Je wilt dus weten hoe het werkt. Het is eigenlijk een simpel proces.
Het werkt door een aantal basisdingen te doen.
Het belangrijkste om te onthouden over de werking ervan is dat het ontworpen is om gebruiksvriendelijk te zijn.
Hoe het werkt is eigenlijk niet zo ingewikkeld.
Fluorochroomen zijn kleuren die oplichten. Deze kleuren zijn gekoppeld aan antilichamen. De antilichamen hechten zich vervolgens aan eiwitten op het oppervlak van cellen. Ze kunnen zich bijvoorbeeld hechten aan het eiwit CD4, dat voorkomt op T-helpercellen. Dit helpt ons de fluorochromen en de cellen waaraan ze vastzitten te zien. Fluorochroomen zijn erg nuttig voor het bestuderen van cellen zoals T-helpercellen die het eiwit CD4 bevatten.
De laserstraal raakt het fluorochroom. Daardoor raakt het fluorochroom sterk geëxciteerd. Het komt in een energietoestand terecht, wat een grote verandering is voor het fluorochroom. Dit noemen we excitatie van het fluorochroom. Wanneer de laser het fluorochroom raakt, krijgt het fluorochroom veel energie. Het gaat over naar deze hogere energietoestand.
Het bijzondere aan emissie is dat het fluorochroom energie afgeeft, en deze energie komt vrij als licht. Dit licht heeft een kleur, omdat het een bepaalde golflengte heeft. Dus als we het over emissie hebben, bedoelen we dat het fluorochroom energie vrijgeeft in de vorm van licht met een bepaalde golflengte, wat in feite een specifieke kleur is.
Wanneer we het over detectie hebben, gebruiken we zogenaamde detectoren. Deze detectoren zijn als instrumenten, zoals fotomultiplicatorbuizen, die licht opvangen. Vervolgens zetten ze dit licht om in een signaal waarmee we kunnen werken. We gebruiken deze signalen om informatie te verkrijgen uit het licht dat de detectoren opvangen. Detectie is een stap en detectoren zoals fotomultiplicatorbuizen zijn daarbij erg geschikt.
We hebben een aantal protocollen uitgeprobeerd en het proces voor een diagnostische flowcytometrietest is erg strikt. Het diagnostische flowcytometrietestproces begint met het voorbereiden van het monster. Het eindigt met een gedetailleerd rapport van de diagnostische flowcytometrietest. Monsterpreparatie
Bij het ontwerpen van een antilichaampanel moeten we de juiste combinatie van antilichamen kiezen. Zo kunnen we celpopulaties afzonderlijk detecteren. Een goed ontwerp van een antilichaampanel is cruciaal, omdat we overlappingen tussen de gekozen antilichamen willen voorkomen. We moeten dus zorgvuldig te werk gaan bij het ontwerpen van ons antilichaampanel.
Bij het kleuren van cellen wordt een behandeling met antilichamen toegepast. Wanneer ombervissen dit in een sanatorium ondergaan, wordt doorgaans een methode gebruikt om de rode bloedcellen te verwijderen, het zogenaamde „lyse-and-marshland“-systeem. Dit systeem wordt gebruikt om cellen te kleuren. De cellen worden geïncubeerd met antilichamen, een belangrijke stap in het kleuringsproces, en de „lyse-and-marshland“-protocollen helpen om de rode bloedcellen uit de cellen te verwijderen.
Acquisitie: Het monster wordt door de cytometer geleid. Dit is wat er gebeurt als we een klinisch buisje gebruiken. We krijgen doorgaans 10.000 tot 100.000 gebeurtenissen, oftewel cellen afkomstig van de cytometer. De cytometer is erg goed in het detecteren van deze gebeurtenissen of cellen in het monster.
Gegevensanalyse
De gegevens worden weergegeven als spikkeldiagrammen en histogrammen. Wanneer onderzoekers proberen te achterhalen wat er aan de hand is met een casus, gebruiken ze een techniek die gating wordt genoemd. Obstructie is een manier om de cellen te scheiden van de slechte cellen, zodat ze de celpopulaties waarin ze geïnteresseerd zijn van dichtbij kunnen bekijken.
Het afbakenen van celclusters door grenzen te trekken op een grafiek om ze te isoleren (bijvoorbeeld het scheiden van lymfocyten uit een volledig bloedmonster).
Immunofenotypering: Vergelijking van de markerexpressie van de heropendde populatie met normale waarden om afwijkingen te identificeren.
Flowcytometrie vormt de basis van ultramoderne klinische diagnostiek, met name in de hematologie en immunologie.
Hematologische kwaadaardigheid
Deze test is een manier om te achterhalen of iemand leukemie of kanker heeft. Door de resultaten te vergelijken met de gezichtslabels, kunnen artsen bepalen om welk type kanker het gaat. Ze kunnen zelfs vaststellen om welk subtype leukemie het gaat. Of het nu om kanker gaat of niet.
Gewone lymfatische leukemie (CLL) wordt veroorzaakt door de gelijktijdige expressie van CD5 en CD23 op CD19 B-cellen.
Acute leukemieën worden geclassificeerd als myeloïde of lymfoïde op basis van lijnspecifieke labels (bijv. CD13, CD33 versus CD3, CD19).
Immunodeficiëntie en transplantatie
Bij HIV-monitoring is het tellen van CD4 T-cellen erg belangrijk. Het helpt patiënten namelijk te bepalen hoe ver de HIV-infectie gevorderd is. Het helpt ook om te zien of de antiretrovirale medicatie aanslaat. HIV-monitoring is cruciaal en het tellen van CD4 T-cellen is daar een onderdeel van.
Stamceltransplantatie wordt gebruikt om het aantal CD34-hematopoëtische stamcellen in transplantaten te tellen en zo de uiteindelijke ingroei te garanderen.
Om te bepalen waar inflowcytometrie in het laboratorium thuishoort, is het nuttig om inflowcytometrie te vergelijken met gangbare methoden voor celdissectie. Op die manier kunnen we zien wat inflowcytometrie zo bijzonder maakt en hoe het verschilt van andere methoden.
punt Flowcytometrie Microscopie ELISA
Doorvoer: Hoog (1.000 – 10.000 cellen/sec) Laag (Enkele cellen/veld) Gemiddeld (96-wells platen)
Gegevenstype Multiparametrisch (Grootte, complexiteit, meerdere labels) Ruimtelijk/Visueel (Morfologie) Bulkdimensie (Verantwoordbare factoren)
Celtelling Kwantitatief (Absolute aantallen) Semi-kwantitatief N.v.t. (Aandacht voor eiwitten)
Primair gebruik: Immunofenotypering, celtelling, morfologie, lokalisatie, cytokine-detectie, antilichaamtiters
Ik denk dat de interessante effecten van inflowcytometrie zich voordoen wanneer we verder kijken dan alleen het oppervlak van cellen. Flowcytometrie wordt pas echt boeiend als we meer doen dan alleen het oppervlak van cellen kleuren. Dat is wat ik heb gezien met inflowcytometrie.
Celcyclus en apoptose
De celcyclus is een proces waarbij cellen groeien en zich delen. Om te begrijpen wat er in de celcyclus gebeurt, kunnen we hulpmiddelen gebruiken zoals DNA-kleurstoffen, vergelijkbaar met propidiumjodide. Deze hulpmiddelen helpen ons te meten hoe belangrijk DNA is in een cel. Dit is belangrijk omdat het ons vertelt in welke fase van de celcyclus de cellen zich bevinden. De celcyclus kent verschillende fasen, waaronder de G0/G1-, S- en G2/M-fase. Door DNA-kleurstoffen te gebruiken, kunnen we achterhalen in welke fase de cellen zich bevinden tijdens de celcyclus. Deze informatie is nuttig om meer te leren over de celcyclus en hoe deze werkt.
Apoptosedetectie: blootstelling van fosfatidylserine (Annexine V) en membraanintegriteit (7-AAD) om celdood te kwantificeren. Intracellulaire cytokinekleuring (ICS).
Om dit te doen, moeten we gaten in het celmembraan maken zodat antilichamen naar buiten kunnen en zich aan de cytokinen kunnen hechten. Dit is erg belangrijk als we willen leren hoe ons lichaam reageert op vaccins of ziek wordt van infecties. We hebben het dan over celmembraan en cytokinen, dus we moeten begrijpen hoe celmembraan en cytokinen in ons lichaam samenwerken, met name als het gaat om de interactie tussen celmembraan en cytokinen.
We hebben veel protocollen uitgeprobeerd en vastgesteld dat dit de meest voorkomende problemen zijn die de datakwaliteit beïnvloeden. De terugkerende problemen die de datakwaliteit aantasten, zijn de problemen die we steeds weer tegenkomen. Als we het over datakwaliteit hebben, zijn dit de problemen die het vaakst naar voren komen. De datakwaliteit wordt door deze problemen beïnvloed. We willen graag benadrukken wat deze problemen zijn.
Spectrale overlapping treedt op wanneer het licht van twee verschillende kleuren elkaar overlapt. Deze overlapping van licht van de twee kleuren veroorzaakt signalen. Om dit probleem met spectrale overlapping op te lossen, gebruiken we een techniek genaamd compensatie. Compensatie helpt bij het verhelpen van spectrale overlapping. Sommaties zijn als klonten cellen die aan elkaar kleven. Soms lijken deze klonten op één enkele cel met vreemde labels. Om dit probleem te voorkomen, is het raadzaam om de juiste gating-techniek toe te passen en het monster te vortexen voordat je het analyseert. Dit zorgt ervoor dat de cellen niet aan elkaar kleven in klonten, zodat je een nauwkeurig beeld krijgt van wat er met de cellen gebeurt.
Bij het kleuren en wassen van cellen kunnen sommige cellen verloren gaan. Dit is een probleem wanneer je met zeldzame cellen werkt. Om te voorkomen dat je deze cellen verliest, moet je buizen gebruiken die niet aan de cellen blijven plakken en uiterst voorzichtig zijn bij het verplaatsen ervan met een pipet. Zeldzame celpopulaties zijn bijzonder gevoelig voor dit soort verlies.
Wat is het verschil tussen inflowcytometrie en FACS?
Flowcytometrie is een manier om cellen te bekijken. Het wordt gebruikt om cellen te ontleden. FACS, wat staat voor luminescentie-geactiveerde celsortering, is een toepassing van flowcytometrie. Hierbij sorteert het apparaat cellen in groepen en selecteert ze op basis van hoe ze oplichten en licht verstrooien. en FACS zijn verwant omdat FACS een onderdeel is van flowcytometrie. helpt ons cellen te begrijpen en FACS helpt ons cellen te bestuderen op basis van wat we leren van flowcytometrie.
Ik vroeg me af of flowcytometrie ook gebruikt kan worden voor Apkins. Kunnen we flowcytometrie eigenlijk wel gebruiken voor Apkins, net zoals we dat voor andere celtypen doen? Flowcytometrie is namelijk erg geschikt voor het analyseren van cellen in een vloeistof. Maar hoe zit het met Apkins in vaste vorm? Kunnen we flowcytometrie ook gebruiken om de cellen in Apkins te analyseren? Kunnen we met flowcytometrie goede resultaten behalen voor Apkins?
Je moet de handdoek dus afbreken tot cellen met behulp van speciale hulpmiddelen zoals collagenase, of door hem te vermalen. Het probleem is dat dit de buitenkant van de cellen kan veranderen. Je hebt te maken met zowel de handdoek als de cellen. Wanneer je de handdoek omzet in een suspensie van afzonderlijke cellen, is het alsof je weer met de handdoek en de cellen werkt. De handdoek moet worden afgebroken. Dit kan de handdoek en de cellen beïnvloeden, met name de buitenkant van de cellen.
Ik wil weten hoeveel labels het systeem tegelijkertijd kan testen. Kan het systeem veel labels tegelijk testen? Moet ik de labels één voor één testen? Ik heb het over de labels. Het gaat mij om de labels. Hoeveel labels kunnen er tegelijkertijd getest worden?
In een laboratorium zie je doorgaans 4 tot 8 kleuren. Wetenschappers die onderzoek doen, kunnen gebruikmaken van een techniek genaamd spectrale instroomcytometrie. Hiermee kunnen ze 30 of meer kleuren waarnemen. Ze doen dit door gebruik te maken van het volledige kleurenspectrum dat de techniek uitzendt, in plaats van alleen naar specifieke kleuren te kijken. Dit is anders dan het gebruik van specifieke golflengten om kleuren te zien. Spectrale instroomcytometrie maakt gebruik van het volledige emissiespectrum, waardoor het mogelijk is om zo’n groot aantal kleuren te zien, zoals 30 of meer.
Is inflowcytometrie kwantitatief?
Ja. Dit apparaat geeft ons cijfers als we een bepaald aantal bolletjes aan het monster toevoegen, wat we het tellen van bolletjes noemen. Het geeft ons ook cijfers als we de ene groep cellen vergelijken met een andere groep cellen. We hebben het in dit geval over de cellen en de bolletjes, dus het apparaat is erg handig om de cellen en de bolletjes met elkaar te vergelijken.
Wat is het minimale aantal cellen dat we nodig hebben?
Het aantal cellen dat je nodig hebt, hangt af van hoe vaak de betreffende populatie voorkomt. Met ongeveer 100.000 cellen, bijvoorbeeld voor lymfocyten, zit je goed. Maar voor zeldzame effecten zoals minimale restklachten heb je veel meer cellen nodig; we hebben het dan over miljoenen lymfocyten.
Binaire flowcytometrie meet gelijktijdig zowel fysieke componenten (grootte/complexiteit) als chemische componenten (gezichtslabels).
High Outturn. Dit apparaat is echt supersnel; het analyseert duizenden cellen per seconde, waardoor je enorm veel data krijgt. De High Outturn levert betrouwbare resultaten omdat het zoveel cellen controleert.
De klinische gouden standaard, essentieel voor de diagnose van bloedkanker en voor het dekken van kwetsbare groepen (bijv. HIV).
Multiparametrische analyse maakt de analyse van meerdere labels op één enkele cel mogelijk, waardoor complexe cellulaire subgroepen aan het licht komen.
Flowcytometrie is een belangrijke, veelzijdige technologie die celanalyse heeft getransformeerd van een kwalitatieve kunstvorm naar een kwantitatieve wijsheid. Door de principes van lichtverstrooiing en luminescentie te begrijpen en strenge gatingstrategieën toe te passen, kunnen artsen en onderzoekers cruciale inzichten verkrijgen in gezondheid en klachten.